|
Schorsenerensoep met mosselen
400 gr. schorseneren
1,5 l. volle melk
25 gr. bouillonpoeder
250 gr. crème fraîche
een bouquet garni (= tijm, laurier, peterselie)
een klontje boter
1 kg. mosselen
1 prei
peper, zout, bouillonpoeder, kervel
Soep
Schil de schorseneren met een dunschiller, snij ze in stukjes en bewaar die
in water met een beetje citroen. Laat in een ruime soeppan een klontje boter
smelten.
Fruit hierin de stukjes schorseneer. Strooi er peper en zout over.
Voeg melk en crème fraîche en bouillonpasta toe en breng
dit aan de kook. Voeg het in een preiblad of in een koffiefilter gewikkelde
bouquet garni toe.
Laat 20 minuten zachtjes koken, roer af en toe.
Was de prei, snij hem
in stukken, kook die apart gaar in gezouten water. Haal het bouquet garni
uit de soep, voeg de prei toe en maak de soep glad met de staafmixer.
Maak de soep weer voorzichtig warm. Laat niet koken want dan gaat de
soep weer schiften.
Breng op smaak met peper en zout. Is de soep toch
nog wat korrelig zet er dan de staafmixer in. Doe de soep in de koppen
en strooi er gehakte kervel in.
Met mosselen
Kook de mosselen met toevoeging van een half glas wijn
en een blaadje laurier in enkele minuten gaar met het deksel op de pan.
Ze zijn gaar als ze open zijn. Haal ze uit de schelp. Voeg het kooknat
toe aan de soep. Voeg het laatste mosselnat niet toe want daar zit zand
in. Voeg op het laatste moment de mosselen toe en strooi er gehakte kervel
in.
|